Wie lang genoeg vaart, maakt het een keer mee. Er staat een plasje water in de bilge dat er de vorige keer nog niet stond, of er zit een vage witte rand rond een verbinding in de motorruimte. Meestal is het niet ernstig. Soms is het het begin van een lekkage die u liever aan de steiger verhelpt dan halverwege de Nederrijn.
In dit artikel leest u waar lekkages in het leidingwerk van een boot doorgaans ontstaan, hoe u de eerste signalen herkent en wat u doet op het moment dat het toch misgaat. Aan bod komen de volgende vragen:
Waarom begeeft een verbinding het eerder dan de leiding zelf?
Aan welke signalen ziet u een beginnende lekkage aankomen?
Wat doet u op het water, met de middelen die u aan boord heeft?
Hoe maakt u van een noodoplossing een blijvende reparatie?
Wat controleert u voor en na het vaarseizoen?
Waarom het bijna nooit de leiding zelf is
Het is een aardige les die u pas na een aantal jaren echt in de vingers krijgt: een leiding gaat zelden midden op zijn lengte stuk. Het metaal of het kunststof houdt het doorgaans langer vol dan de plek waar twee delen elkaar ontmoeten. Daar zit rubber, daar zit spanning, daar zit beweging, en daar begint dus vrijwel altijd het probleem.
Trilling en uitzetting doen langzaam hun werk
Een draaiende motor brengt het hele leidingwerk in beweging. Het gaat om kleine bewegingen, nauwelijks zichtbaar, maar ze herhalen zich urenlang en seizoen na seizoen. Daar komt temperatuur bij: koelwater dat opwarmt en weer afkoelt, laat materiaal uitzetten en krimpen. Een verbinding die bij montage keurig waterdicht was, verliest op die manier heel geleidelijk zijn spanning. Niemand ziet het gebeuren, tot het moment dat het zichtbaar wordt.
Verschillende metalen in hetzelfde systeem
In veel oudere boten is door de jaren heen van alles bij elkaar gemonteerd. Een stukje messing, een stukje roestvast staal, een verzinkte fitting die er ooit tijdelijk in zou zitten. Zodra water erbij komt, en zeker brak of vervuild water, gaan die metalen elkaar aantasten. De verbinding die het eerst begeeft, is dan bijna altijd de plek waar twee ongelijke materialen elkaar raken. Pijpkoppelingen die om de leiding worden geklemd, zijn tegenwoordig de gebruikelijke manier om zo een aangetast deel te herstellen. Wie weet waar de zwakke plekken zitten, kijkt bij het naspeuren van een lekkage bovendien meteen op de juiste plaatsen.
De signalen die u leert herkennen
Een lekkage kondigt zich meestal netjes aan, alleen praat ze zacht. De kunst is om de motorruimte niet alleen te bekijken wanneer er iets aan de hand is, maar met enige regelmaat, met een droge hand en een goede lamp. Onderstaand overzicht helpt bij het duiden van wat u aantreft.
Signaal aan boord | Waarschijnlijke oorzaak | Eerste actie |
|---|---|---|
Kalkrand of witte aanslag bij een verbinding | Een trage lekkage die telkens weer opdroogt | Droogmaken, de plek markeren en na een vaardag opnieuw bekijken |
De bilgepomp slaat vaker aan dan u gewend bent | Lekkage in het koelwater- of drinkwatersysteem | Systeemdelen een voor een afsluiten om de bron te vinden |
Vochtige plek rond een slangklem | Het rubber is verhard of de klem heeft spanning verloren | De klem vervangen, niet verder aandraaien |
De druk valt weg op de dekwasleiding | Een verbinding of afdichting laat los | Pomp uitzetten, de druk eraf halen en de leiding nalopen |
Het klinkt eenvoudig, en dat is het ook. De meeste schade aan boord ontstaat niet doordat mensen het niet konden zien, maar doordat er niemand op dat moment keek.
Wat u doet als het op het water misgaat
Stel dat het toch gebeurt, ergens tussen de Rijnkade en de IJsselkop bij Westervoort, waar de rivier zich splitst en u niet zomaar even aanlegt. Dan geldt vooral: rustig blijven en in de juiste volgorde werken.
Zet eerst de druk van het systeem af door de pomp uit te schakelen en de dichtstbijzijnde afsluiter dicht te draaien. Maak daarna de omgeving van de lekkage droog, want alleen op een droge ondergrond ziet u precies waar het water vandaan komt. Pas dan brengt u een tijdelijke afdichting aan, bijvoorbeeld met een stuk rubber en twee stevige slangklemmen over de beschadiging heen.
Wat u vooral niet moet doen, is een lekkende verbinding steeds verder aandraaien. Dat is de reflex van bijna iedereen, en het is bijna altijd verkeerd. Verhard rubber gaat door meer kracht niet opnieuw afdichten, en een schroefdraad die u overbelast, laat u met een groter probleem achter dan waarmee u begon. Vaar rustig terug, houd de bilge in de gaten en los het aan de wal netjes op.
Van noodoplossing naar een blijvende reparatie
Vroeger was een lekke leiding een aangelegenheid van dagen. Er moest een monteur komen, er moest gelast worden, en bij een stalen leiding betekende dat vaak dat de boot uit het water moest. Dat werk vroeg vakmanschap en het kostte tijd, en menig vaarweek is er in de jaren zestig en zeventig aan opgegaan.
De klemkoppelingen van vandaag hebben dat beeld ingrijpend veranderd. Het gaat om mechanische verbindingen die met bouten om de leiding worden geklemd, met een rubber binnenmanchet die de afdichting verzorgt. Er zijn uitvoeringen die uitsluitend afdichten, uitvoeringen die daarnaast trekkrachten opnemen en uitvoeringen die zijn bedoeld voor het herstellen van een beschadigd leidingdeel. Voor de juiste keuze zijn drie gegevens nodig: de werkelijke buitendiameter van de leiding, het materiaal ervan en de druk waaronder het systeem staat. Wordt op een van die drie gegokt, dan houdt de verbinding het meestal wel een seizoen vol, en daarna niet meer.
Die ontwikkeling staat overigens niet op zichzelf. Ook in de installatietechniek en de bouw is het denken over verbindingen de afgelopen decennia flink opgeschoven, van vast en onlosmakelijk naar demontabel en herstelbaar. Op vakplatforms over bouw en techniek, zoals te lezen valt op bouw-leverancier.nl, komt datzelfde thema geregeld terug. Wie bekend is met leidingwerk in een gebouw, herkent aan boord meer dan hij vooraf zou denken.
Wat aan boord hoort te liggen
U hoeft geen werkplaats mee te nemen. Een bescheiden voorraad volstaat, mits die op orde is en niet al tien jaar in dezelfde kist ligt te verouderen:
Een set stevige slangklemmen in de maten die op uw boot voorkomen
Een stuk rubberdoek of een oude binnenband voor een tijdelijke afdichting
Reserveslang van de gangbare diameters aan boord
Een goede zaklamp en een handdoek om droog te kunnen werken
Een lijstje met de maten en materialen van uw eigen leidingwerk
Dat laatste punt wordt het vaakst overgeslagen en betaalt zich het snelst terug. Wie op een regenachtige zaterdag zijn maten al kent, hoeft niet met een natte duim te schatten wat er nodig is.
Voor en na het vaarseizoen
De rustige maanden zijn het beste moment voor een grondige ronde. Loop het leidingwerk na met de motor koud en droog, en let vooral op rubberdelen die hard of glanzend aanvoelen. Dat is het teken dat de soepelheid eruit is. Controleer alle klemmen op spanning, kijk of er ergens een leiding tegen een scherpe rand aanligt en verhelp dat meteen, want daar ontstaat de schade van volgend jaar.
Voor wie een ligplaats heeft aan het Rhederlaag bij Giesbeek en Lathum, of de boot in de winter in de buurt van Arnhem stalt, is het bovendien verstandig om leidingen die water kunnen vasthouden goed af te tappen. Vorst is een geduldige tegenstander en zoekt feilloos de zwakste verbinding op.
Tot slot
Een lekkage aan boord is zelden een ramp en meestal een aankondiging. Ze begint klein, ze laat sporen achter en ze geeft u ruim de tijd om in te grijpen, mits u de moeite neemt om te kijken. Het vak is er in de loop der jaren niet moeilijker op geworden, alleen anders. Waar vroeger een lasapparaat aan te pas kwam, volstaat nu vaak een goed gekozen verbinding en een sleutel. Wat niet veranderd is, is de houding erachter: rustig werken, de juiste maat nemen en niets aan het toeval overlaten.

25.3 ℃





































